HansWamelink_3474.jpg
HANS WAMELINK

Hans Wamelink is sinds 2006 als hoogleraar Design and Construction Management verbonden aan de Technische Universiteit van Delft. Daarvoor runde hij twintig jaar lang zijn eigen bouwmanagement- en adviesbureau. Het was in die tijd dat hij ontdekte dat de creativiteit van architecten een unieke troef is, maar dat die vaak niet te gelde wordt gemaakt. Vandaag zet Hans Wamelink zijn expertise in om het beroep van de architect in een perspectief van 360 graden te bekijken. Op 8 juni spreekt hij op het Architectencongres.

KEUZES MAKEN

U maakte een wetenschappelijke ontwerpgids over de toekomstige rol van de architect. Wat was daarvoor de aanleiding?

"Vanuit mijn functie bij de faculteit bouwkunde heb ik veel onderzoek gedaan naar de positie van alle actoren in het bouwproces, waaronder de architect. De fascinatie voor de rolinvulling van de architect heb ik opgedaan tijdens de jaren dat ik mijn bouwmanagementbedrijf runde. Ik stelde vast dat veel problemen in projecten niet door de bouwer of de bouwmanager werden opgelost, wel door de architect met zijn creativiteit. Maar het viel ook op dat de architecten er niet altijd in slagen om de waarde die zij creëren, ook voor een deel naar zich toe te halen. Dat heeft mij altijd gefascineerd. En dat was mede de aanleiding van dit onderzoeksproject."

 

"Het vertrekpunt was om samen met een grote groep van architecten uit Nederland te filosoferen en te kijken naar: wat zijn de ontwikkelingen in de markt en hoe kan de architect daarop inspelen? Bijvoorbeeld door zijn rol te veranderen, door andere diensten of juist minder diensten aan te leveren, of door te gaan specialiseren. De gids kwam uit in 2018 en is het resultaat van een groot onderzoeksprogramma dat liep van 2013 tot 2018."

 

Welke bevinding zou u eruit halen als de meest opvallende?

"Volgens mij zit de kern van het verhaal wat betreft de toekomst van de architect bij de architect zelf. Welke keuzes permitteert hij zich? Wat zou hij willen zijn? Er zijn veel meer mogelijkheden als je vanuit een bedrijfsoptiek kijkt naar een architectenbureau, dan de invullingen die we vandaag zien. Dat is eigenlijk de kern van mijn betoog. Het is dus niet alleen een kwestie van kijken naar de ontwikkelingen en daarop inspelen. Meer nog gaat het over vanuit je eigen kracht iets creëren op de markt."

 

Bedoelt u dan vanuit de persoonlijke vaardigheden en interesses van elke individuele architect?

"Ja, dat bedoel ik en dat is ook wat we in Nederland meer en meer zien gebeuren in de laatste jaren. Je stelde in de intro de vraag ‘Is de architect van de toekomst een specialist of een generalist?’ Sommigen zijn duidelijk aan het specialiseren, andere aan het generaliseren."


"Als je generaliseert betekent dat dat je een groter bureau nodig hebt, je kunt niet van de daken schreeuwen dat je een generalist bent en alles oplossen in je eentje. Dan moet je of een groter bureau hebben of een netwerk van architecten of bureaus om je heen bouwen."


"Je hebt er ook die specialiseren en bijvoorbeeld helemaal op BIM (Building Information Modelling) gaan inspelen. De mogelijkheden zijn heel groot maar elke architect moet zelf keuzes maken en die effectief gaan uitbouwen."

JEZELF WAARDEREN

Een van de dingen die wij ons afvragen in deze visie-oefening is: moeten architecten de nieuwe rollen die door technologische ontwikkelingen ontstaan naar zich toe trekken of juist afstoten?

"Dat kan je niet in zijn algemeenheid zeggen. Als het bijvoorbeeld gaat over BIM-modellen, zie ik een aantal architecten die daar heel succesvol in zijn. Dan zie ik ook dat hun bureaus onder invloed daarvan sterk veranderen. Als je die rol opneemt heb je immers ook andere competenties in je team nodig en moet je daar echt op inzetten. Je kan wel heel veel waarde oppikken door het BIM naar je toe te halen. Je bent dan de spin in het web, je hebt alle informatie, je kan coördineren én je kan er ook nog diensten aan toevoegen. Bijvoorbeeld de coördinatie van de bouw. Het begint dus met je af te vragen: ben je alleen een ontwerper of ook een manager? Dien je alleen de belangen van de klant of ook die van de maatschappij? En misschien nog de belangrijkste vraag: in hoeverre ben ik ondernemer? Dat laatste bleek in het verleden wel eens een vies woord te zijn."

 

Een jaar geleden startte u met het vak Entrepreneurship in Architecture & the Built Environment. Ondernemerschap is een sleutelelement voor de architect van de toekomst?
"Ik denk het wel. Het valt alvast op dat er enorm veel belangstelling voor is bij de nieuwe generatie. Op dit moment is het nog een keuzevak maar ik vermoed dat het op een zeker moment wel in de standaardopleiding van de architect terecht zal komen."

 

Waarom is dat ondernemerschap zo belangrijk?
"Omdat de architect een belangrijke maatschappelijke rol kan spelen. En omdat hij in het bouwproces een unieke rol kan opnemen door zijn creatieve skills. Maar de architect moet dat ook willen en moet - om succesvol te zijn - dat ook uitstralen naar de markt. Dat betekent dat je een ondernemende houding aanneemt en dus niet alleen nadenkt over je ‘professional value’ - wat wil je ontwerpen en wat wil je betekenen - maar dat je je realiseert dat je die betekenis alleen kan waarmaken als je er ook geld voor vraagt. Hoeveel architecten ben ik in dat onderzoek wel niet tegengekomen die te weinig vragen voor wat ze doen. Enorm veel. En dat is het begin van het einde."

 

Gaat het er simpelweg om om jezelf te waarderen?
"In feite wel ja. Je moet een deel van de koek meenemen. Daardoor kan je jezelf blijven ontwikkelen, misschien ook nieuwe diensten toevoegen. Je moet heel bewust nadenken over: 1/wat voor een architect wil ik zijn en 2/hoe ga ik dat als ondernemer in de markt zetten."


"Ik zie op dat vlak een heel duidelijke verandering in de afgelopen tien jaar. Vroeger was er toch eerder een atmosfeer van ‘tja, we moeten nu eenmaal een honorarium vragen’. Tegenwoordig zie ik regelmatig dat architecten, als zij weten dat ze belangrijk zijn - bijvoorbeeld in de geïntegreerde contracten - een hoge bonus vragen. En de consortiumpartners weten dat ze dat waard zijn."

 

Begrijp ik het goed dat u het verband maakt tussen maatschappelijke verantwoordelijkheid en ondernemerschap?
"De architect heeft een belangrijke maatschappelijke verantwoordelijkheid, dat kunnen we stellen. Maar als hij die rol ten volle wil kunnen opnemen moet hij een gezond bestaansrecht hebben. Dat betekent dat er naast een visie op architectuur en hoe de maatschappij zich zou moeten ontwikkelen, er ook een visie moet zijn op hoe hij in de markt wil staan. Daar zou de architect veel bewuster mee om moeten gaan. Dat is mijn pleidooi. De mogelijkheden zijn legio maar je moet ze wel zelf creëren."

 

Dit geldt vooral voor grote projecten?
(schudt het hoofd) "Ook voor de kleintjes. Ik zie momenteel veel architecten uit kleine bureaus die zich de vraag stellen: ben ik een goede ontwerper? Wat ben ik waard? Die bevraging is er, vooral bij jonge architecten. Ze houden er meer aan over als ze bewust over zichzelf en hun waarde nadenken. Ze gaan ook makkelijker allianties aan met bijvoorbeeld ontwikkelaars waarbij ze het normaal vinden om anders verloond te worden dan enkel met het vaste honorarium. Natuurlijk kan je daar een boom over opzetten: ben je nog onafhankelijk als je je verbindt aan ontwikkelaars en beter betaald wordt. Maar het is alleszins een verschuiving die ik zie."

WELKE ARCHITECT WIL IK ZIJN

U werkt ook vaak rond innovatieve samenwerkingsvormen.
"Ja, die geïntegreerde contracten zijn daarvan een voorbeeld. Je ziet ook supply chain management in de woningbouw. Daarnaast zie je dat architecten er voor kiezen om langdurige samenwerkingen aan te gaan, bijvoorbeeld met woningcoöperaties. In Nederland zijn dat de organisaties die vooral met de bouw en verhuur van woningen in de sociale huursector bezig zijn, dat is ongeveer 30% van het totale aantal woningen. Je moet als architect inspelen op dat soort ontwikkelingen en daar je eigen positie in bepalen."

 

Zulke geïntegreerde contracten zullen wel zeer complex zijn. Wat zijn de geheimen?
"Daar zie je vooral de grotere bureaus aan het werk en die samenwerkingen zijn niet licht tot stand gekomen. Bij de geïntegreerde contracten bijvoorbeeld werken architecten onder een consortium. Je werkt dus niet voor de klant maar voor een consortium dat is samengesteld door een groot bouwbedrijf, een facilitymanagement bedrijf en vaak ook een bank. Jij hebt geen rechtstreeks contact met de klant. Voor heel veel architecten paste dat initieel niet in hun arbeidsethos. Die bureaus die wel op die boot zijn gesprongen zijn tot de conclusie gekomen dat ze op vlak van ontwerpen vaak net veel vrijer zijn. Omdat het hele consortium afhankelijk is van hun werk."

 

Is er nog iets dat er uitspringt wat de studie betreft?

"Interessant voor jullie visie-oefening is volgens mij het stuk over de vraag ‘wat wil je zijn als architect?’ Wil je een specialist zijn, een initiator, een integrator of een productontwikkelaar? De skills van de architect liggen dicht tegen die van een industrieel ontwerper aan, dus ook op dat raakvlak kan je de markt bedienen. Die keuze heeft veel impact op de samenstelling van je bureau en de eisen die je stelt. Het belangrijkste pleidooi dat ik heb is dat deze beslissing belangrijk is en dat die bij de architect zelf ligt."

 

Ik zie daar een raakvlak met het vraagstuk werk/leven balans. Als je je kan ontwikkelen volgens je sterktes en interesses lijkt mij dat een troef voor een gezonde carrière.

(knikt) "In het vak ondernemerschap waar we het al over hadden, moeten de studenten in de eerste weken architecten interviewen. Ik vraag hen de verschillen te analyseren als je er vanuit een ondernemersvisie naar kijkt. Je ziet daarin terugkomen dat jonge architecten heel bewust afwegingen maken: wat voor een architect wil ik zijn? Wat voor onderneming wil ik zijn? En inderdaad ook: hoe wil ik mijn leven inrichten? Ik heb het gevoel dat deze generatie daar veel bewuster mee bezig is. Er zijn allerlei mogelijkheden: er zijn architecten die een netwerk om zich heen bouwen zodat ze dingen kunnen doorgeven als het te druk wordt. Er zijn er die een groot bureau inrichten met bijvoorbeeld een manager die zich puur toelegt op het runnen van het bureau zodat anderen zich concentreren op de architectuur. Dus hoe ziet de toekomst van de architect eruit? Die toekomst bepaal je zelf. In de kern blijf je architect maar je bouwt een omgeving om je heen om in te functioneren."

DE ARCHITECT EN DE WERELD

U houdt ook een pleidooi voor het optimaliseren van bouwprocessen. Komt dat niet in conflict met bijvoorbeeld circulair bouwen?

"Het klopt dat dit op bepaalde punten strijdig is. Neem nu industrieel bouwen, een andere belangrijke beweging in Nederland. We hebben een miljoen huizen tekort. Dat zal in Vlaanderen vast niet anders zijn. De bedoeling is dat we die de komende jaren in grote getale gaan neerzetten. Nu kunnen we wel zeggen: we gaan het hele gebouw demontabel maken met een hoge losmaakbaarheidsindex voor de toekomst, maar vertrekken van bestaande materialen is erg lastig in een industrieel proces met deze volumes. We oogsten namelijk uit bestaande voorraad. Waar leg je dan de klemtoon: bij snel en kwalitatief goed bouwen of bij circulair bouwen? Dat is een interessant probleem. Ik denk dat het antwoord hier ligt bij nu circulair bouwen voor de toekomst."
 

We leven in een bijzonder tijdsgewricht met grote ecologische uitdagingen. Ik las net een interview met een Duitse econome, Maja Göpel. Zij stelt dat we de klimaatdoelen als de nieuwe beurscurves zouden moeten beschouwen. Hoe kijkt u daar tegenaan?
"Wat in ieder geval helder is, is dat we bij het oplossen van die problemen multidisciplinair te werk moeten gaan. Verschillende technologieën en inzichten moeten bij elkaar gebracht worden. En dat is bij uitstek het terrein van de architect! Ik denk zeker dat hier een zeer belangrijke rol voor architecten ligt."

 

Ziet u nog andere grote omwentelingen op ons af komen?
"Als je het beperkt tot het bouwen dan zie je enerzijds dat de aard van het bouwen verandert: nieuwe technologieën geven kansen voor architecten. Daarnaast zal het volume de komende tijd vrij groot zijn, dat zei ik al. Ook is er een corona-effect: de winkelstraten zijn leeg komen te staan. Die moeten nieuwe functies krijgen, er moeten concepten voor de stad bedacht worden. De vastgoedeigenaars krabben zich achter de oren, denk ik. Ook daar kunnen de architecten een rol spelen. Om met hun inventiviteit bedrijven en beleggers bij te staan."

 

Wat zou er gebeuren als we zouden vertrekken vanuit ruimtegebruik en niet vanuit bouwen?
"Momenteel is een van mijn collega’s die bezig is met de huizenmarkt in een interessante discussie verwikkeld met de rijksbouwmeester hier in Nederland. De kern van het debat is: moeten we verdichten in steden of moeten we natuur opofferen? De rijksbouwmeester vindt dat er verdicht moet worden. Maar uit onderzoek blijkt heel duidelijk dat mensen graag een huis met een tuintje willen. Daar heb je dus meer ruimte voor nodig. Maar als we het dan toch over rollen hebben: hier twijfel ik wel of dit de rol van de architect is, dat lijkt mij meer iets voor de overheid."

 

Transitiedenker Jan Rotmans stelt: we leven niet in een tijdperk van verandering maar in een verandering van tijdperk. Hoe ziet u de rol van de architect hierin?

"Bij dit soort van transitie moeten we in de eerste plaats een doel hebben met elkaar. Vervolgens is er een complex systeem van markt, overheid en instituties, dit alles moet een plaats krijgen in die transitie. Kan de architect hier een rol in spelen? Ja, maar als onderdeel van een groter transitiesysteem. We spreken hier inderdaad over een systeemwisseling. Dat kan de architect natuurlijk niet in zijn eentje. Ik denk dat de vraag hier is: welke plaats neem je als architect in in die grote beweging? Hoe vertaal je dat naar de gebouwde omgeving en naar je eigen bureau? Maar dat hier een  positie moet worden over ingenomen, dat is wat mij betreft helder."

BENIEUWD NAAR MEER?

Hans Wamelink spreekt op 8 juni op het Architectencongres van NAV in Mechelen.